Heeft voeding invloed op je cholesterol?

Wat is nu de impact van cholesterolrijke voedingsmiddelen op het cholesterolgehalte in het bloed? Kortom, wat is de impact van voeding in het algemeen op ons cholesterolgehalte? Of heeft voeding helemaal geen invloed?

Op cholesterolrijke voeding is er al vrij lang een heksenjacht; dit maakt dat cholesterol nog steeds een ‘hot topic’ is. Beperkingen op cholesterolrijke voedingsmiddelen werden dan ook massaal ingevoerd. Maar is dit terecht? Want recentere studies spreken deze beweringen tegen. Ze wijzen met de vinger naar de genetische samenstelling van de mens. Tijd om dit eens uit te zoeken. En hoe zit het met plantensterolen en -stanolen? Wat is hun rol in dit verhaal? Kunnen ze helpen bij een te hoge cholesterolwaarde of helemaal niet? Dagelijks komt reclame voorbij van cholesterolverlagende voedingsmiddelen. Vandaar ook mijn vraag: ‘heeft voeding invloed op je cholesterol?’

Cholesterol

Cholesterol is eerder een vijand dan een vriend voor velen. Desalniettemin is cholesterol een vetstof die belangrijk is voor de opbouw van lichaamscellen, hormonen en vitamine D. Elk lichaam heeft behoefte aan cholesterol. Bij opgroeiende kinderen en baby’s is cholesterol onmisbaar voor de opbouw en werking van de hersenen. Het aanbevolen cholesterolgehalte in het bloed is < 190 mg/dl.

In Nederland kijken we naar de hoeveelheid cholesterol per liter bloed. Dit wordt uitgedrukt als millimol per liter (mmol/l). Een totaal cholesterolgehalte lager dan 5,0 mmol/l wordt als normaal beschouwd. Maar eigenlijk gaat het om de verhouding tussen goed cholesterol (HDL) en slecht cholesterol (LDL). Deze verhouding noemen we de cholesterolratio en wordt berekend door het totale cholesterolgehalte te delen door het HDL-gehalte. De ratio hoort kleiner dan 5 te zijn. De cholesterolratio is een goede voorspeller voor het risico op hart- en vaatziekten.

Cholesterol vinden we terug in alle dierlijke voedingsmiddelen en nauwelijks in plantaardige voedingsmiddelen. Het kan op twee verschillende manieren worden ingedeeld:

  • Endogene cholesterol: door de lever geproduceerde cholesterol;
  • Exogene cholesterol: cholesterol ingenomen via de voeding.

Of:

  • HDL-cholesterol (High Density Lipoprotein): beter bekend als goede cholesterol. Deze neemt het cholesterol weg uit het bloed en brengt ze naar de weefsels;
  • LDL-cholesterol (Low Density Lipoprotein): of slechte cholesterol, dit doet net het omgekeerde. Dit cholesterol wordt vanuit de weefsels naar het bloed vervoerd.

Voeding en cholesterol

Zoals in de inleiding vermeld is er een nieuw ‘tijdperk’ aangebroken op gebied van cholesterol in voeding: het mag weer. Al vrij lang worden cholesterol-bevattende voedingsmiddelen als reden nummer 1 gezien voor een te hoge bloedcholesterol. Zo was er Nikolay Anichkov die konijnen een cholesterolrijk dieet voorschotelde. Wat bleek? Ze kregen slagaderverkalking. Conclusie: consumptie van cholesterolrijke voedingsmiddelen heeft een sterke invloed op een te hoge cholesterol in het bloed. Hij hield bij zijn onderzoek echter geen rekening met het feit dat konijnen zeer gevoelig zijn voor cholesterol in de voeding.

Recente studies hebben aangetoond dat een te hoge cholesterolwaarde in het bloed vaak een genetische oorsprong heeft. De ‘cholesterolgevoeligheid’ is sterk afhankelijk van persoon tot persoon. De lever heeft een veel sterkere invloed op onze cholesterolwaarde dan voeding. Bij sommigen is een te hoge cholesterol een constant probleem, ondanks een gezond voedingspatroon en een gezond gewicht. Bij anderen speelt voeding dan wel weer een grote rol.

De conclusie is en blijft een evenwichtige levensstijl zowel op gebied van voeding als op gebied van beweging. Een gezond voedingspatroon, beweging en een gezond gewicht zijn nog steeds de beste wapens tegen hart- en vaatziekten in het algemeen.

Plantensterolen en -stanolen

Plantensterolen en -stanolen zijn natuurlijke verbindingen die qua structuur zeer sterk lijken op cholesterol. Ze leveren geen voedingsstoffen en je vindt ze in plantaardige voedingsmiddelen zoals olijfolie, tarwekiemen, koolzaadolie, etc. Vooral plantaardige oliën zijn rijk aan plantensterolen.

De consumptie van 1-3 g sterolen per dag doet het cholesterolgehalte en het LDL-gehalte dalen. Dit komt doordat ze gaan binden met cholesterol uit de voeding. Hierdoor worden ze vaak aan voedingsmiddelen toegevoegd zoals margarines, yoghurt, melkdranken, etc. Een merk waar je ongetwijfeld al van gehoord hebt is Becel ProActiv.

Sterolen versus cholesterol

De hierboven genoemde eigenschappen zorgen ervoor dat plantensterolen populair zijn als middelen tegen hypercholesterolemie (te hoge waarden cholesterol in het bloed). Onderzoek heeft namelijk aangetoond dat de inname van 2-3 g sterolen of -stanolen het cholesterolgehalte in het bloed doet dalen met 9-12 %.

Er is ook een maar… Want men weet nog steeds niet wat de invloed is van een te hoge inname aan plantensterolen. Een te hoge inname (> 3 g/dag) kan ook een nadelige effect hebben op de opname van vitamine A. Meer onderzoek is absoluut nodig. Vooral bij vrouwen die borstvoeding geven of zwanger zijn, is dit een belangrijk aandachtspunt. Hun behoefte ligt hoger om te voldoen aan de behoeften van de foetus.

Wanneer men beslist om de inname van sterol-verrijkte voedingsmiddelen te stoppen, stijgt het cholesterolgehalte in het bloed terug naar het niveau van voorheen. De inname ervan zorgt dus niet voor een verandering op lange termijn.

Sterol-/Stanol-verrijkte producten zijn bovendien duur. De fabrikanten claimen maar al te graag dat het product cholesterolverlagend werkt en dat brengt een prijsverhoging met zich mee. Ze hebben ook geen effect op het risico van hart- en vaatziekten. Het werd nog door geen enkel onderzoek aangetoond dat ze een daling van het risico teweegbrengen, waardoor het ook nergens op de verpakking (mag) staan.

Bronnen: